CITATEN 2. ,,..en aan een schilderij van Rinus Groenendaal vanwege het plezier dat ik meebeleef aan wat hij noemt zijn ingevulde herinneringen.' Jan Wagner in Picturablad 1/02. '…Zo toont één van zijn werken een nietige ruiter. De ruiter is gesitueerd op de rug van een wat al te groot paard. De kijker wordt juist door zo,n voorstelling niet afgeleid, maar eerder getrokken naar het wezen van het gebeuren. De harmonie tussen ruiter en paard staat in dienst van de beweging. Zowel ruiter als paard ondersteunen deze en wel lijfelijk als door een wilskrachtige uitdrukking. Alleen sprekende vormen worden aangewend en in een wonderlijke combinatie gezet.' Harrie Schenning, organisator Huntenkunst. 'Niet het voorbijgaan van de tijd, maar beweging: dat past bij hem, zijn leven, zijn werk. De gedachtenwereld van Groenendaal weerspiegelt zich in een dynamische levensdrift. Bezig zijn aan meerdere werken is hem dan ook vertrouwd. In figuratief opzicht (tempera-acrylschilderijen en lino’s) kleurt hij zijn fascinaties, die hij eerst vastlegt in pagina’s vol schetsen, soms met enige ironie verwoord: zwemmende mensen, de vlucht van een meeuw, de handen van goochelaars, het bovenste stukje van een wortel…..'Inez Postema, Voorne Magazine 1996. derijen ademen een lichtvoetigheid die ik kan vergelijken met de speelsheid van een kind. En toch is er, meestal in tweede instantie ook een serieuze kant aan zijn werk.' Angeline Roosendaal, beeldend kunstenaar.